• Werk van de kinderen
    Romeinse cijfers in de eerste klas
  • Werk van kinderen
    nat in nat schilderij
  • Herfsttafeltje in de klas
    stemmig tafereel bij het jaarverloop
  • Seizoenstafel
    een leuke sfeer in de klas draagt bij tot een gezond pedagogisch klimaat
  • Handwerken
    Handwerken wordt in alle klassen van de lagere school gegeven, het stimuleert de ontwikkeling van de fijne motoriek
  • Jaarfeesten en seizoenen
    De jaarfeesten overspannen elk jaar opnieuw een boog die jaar na jaar een nooit eindigende spiraal vormt
  • Seizoenen als leiddraad
    Door deze jaarfeesten te vieren, komen wij in verbinding met de seizoenen en raken wij vertrouwd met de levenscycli.
  • Sint Maarten
    Op school worden pompoenen uitgehold en er is een sfeervolle viering in de klas.
  • Werk van de kinderen
    nat in nat schilderij
  • Bordtekeningen
    leerkrachten maken in hun klas bordtekeningen in de sfeer van het jaar

Steinerpedagogie

Wanneer een kind geboren wordt, draagt het de kiem van wat het wil worden reeds in zich. Het is de taak van de opvoeder om dit eigene van elk kind de kans te geven zich te ontwikkelen, het zaadje te laten ontkiemen. Om een zaadje te laten ontkiemen zijn allerlei voorwaarden vereist. Water alleen volstaat niet opdat het een grote, mooie plant wordt. Scholen vandaag zijn vaak plaatsen waar enkel aan kennisoverdracht wordt gedaan. Kinderen krijgen er vooral informatie aangereikt waarmee ze de wereld worden ingestuurd. Op een Steinerschool ziet de leerkracht zichzelf veel meer als opvoeder dan als lesgever. Kennisoverdracht is niet het eerste en/of enige objectief. Een opvoeder heeft de taak verschillende vermogens in het kind te wekken door middel van de dagelijkse activiteiten in de klas.

De mens is op drie verschillende manieren met de wereld verbonden: via het denken, via het gevoelsleven en via zijn lichamelijke activiteit.

Rudolf Steiner wees daarom op het belang van een evenwichtige ontwikkeling van het cognitieve (denken), het sociale (voelen) en het praktisch-handvaardige (willen).

Een kind moet evenzeer bezig zijn met het hoofd, als met het hart als met zijn handen.

De ontplooiing van elk van deze drie gebieden wordt op een Steinerschool evenwaardig behartigd. Verder vormt de manier waarop kinderen de menselijke natuur leren kennen één van de belangrijkste elementen van de Steinerpedagogie. Door middel van een scala van uiteenlopende vakken (van geometrie over kunstgeschiedenis tot tuinbouw) leert de opgroeiende jonge mens vanuit een breed perspectief zichzelf en de wereld kennen. Opvoeden tot zelfkennis is een fundament van de Steinerpedagogie. Kinderen leren ervaren hoe de mens op de hierboven vernoemde drievoudige wijze (via zijn denken, zijn gevoel en zijn handelen) met de wereld verbonden is. Dat gebeurt vaak door vergelijkingen te maken met de natuur. Daardoor krijgen mens en natuur meer betekenis. Het kind krijgt hierdoor inzicht in het eigen wezen en meer begrip voor de wereld.

Het leerplan van de Steinerscholen is gebaseerd op de ontwikkelingsfasen van het kind. Terwijl ze opgroeien ondergaan kinderen radicale veranderingen. Van 0 tot pakweg 21 jaar doorlopen alle kinderen dezelfde ontwikkelingsfasen. Ondertussen worden ze ook heel eigen persoonlijkheden. Op Steinerscholen is het pedagogisch werk gebaseerd op algemene inzichten omtrent het kind in de verschillende ontwikkelingsperiodes en op een individuele aanpak. Met een eersteklasser ga je anders om dan met een zesdeklasser. Alle kinderen in de eerste klas verschillen van elkaar en moeten ook individueel benaderd worden. De leerkracht op de Steinerschool stemt de activiteiten en zijn pedagogisch gedrag af op die veranderingen die zich voordoen bij de kinderen die hij begeleidt. Daarbij is hij zich niet alleen bewust van wat uiterlijk zichtbaar is. Met het innerlijke - ziel en geest - wordt evenveel rekening gehouden als met de lichamelijke ontplooiing. De verschillende ontwikkelingsperiodes van het kind vormen de basis voor het opvoedkundige handelen. Dat wil zeggen dat de inhoud en het onderwerp van de vakken gekozen worden volgens datgene wat voor het kind op dat ogenblik van zijn ontwikkeling noodzakelijk is. Men vraagt zich af welk onderwerp op welke leeftijd het best behandeld kan worden om in de kinderlijke ziel een gezonde basis te leggen om later als een evenwichtige volwassene door het leven te gaan. Leerstof is dus in de eerste plaats ontwikkelingsstof, geen informatieoverdracht.

Mensen verliezen nooit het vermogen tot leren. Een Steinerschoolleerkracht probeert door elke dag met liefde in zijn klas te staan, bij kinderen een levenslange liefde te wekken voor het leren. Niet het uiteindelijk behalen van een diploma is het einddoel van de Steinerpedagogie, maar wel het opvoeden van jonge mensen tot volwassenen die door zelfscholing hun leven steeds opnieuw richting kunnen geven. De Steinerschool is een school waar men kan leren dat men een leven lang bezig is mens te worden.

Er worden aan de Steinerschoolpedagoog hoge eisen gesteld. Hij moet niet alleen de leerstof beheersen. Hij moet vooral het antwoord zoeken op de volgende twee vragen:

- Wat moet ik het kind op een bepaalde leeftijd, in een bepaalde fase van zijn ontwikkeling aan onderwijsstof geven?

- Hoe moet ik het kind deze onderwijsstof geven, opdat het zich in zijn volledige persoonlijkheid kan ontplooien?